Je collega die de laatste maanden steeds korter aangebonden is. Je vriend die al drie keer een biertje afhaalde met zijn familie omdat hij "geen zin had in gezeur". Jijzelf, die na een gewone werkdag ineens tegen je partner uitvalt om iets kleins. Niemand denkt hierbij aan depressie. Toch is dat precies waar het vaak om gaat.
De DSM, het handboek waarmee artsen en psychologen depressie vaststellen, is opgebouwd rond somberheid en verlies van interesse. Bij veel mannen zie je die twee dingen amper. Wat je wel ziet: kortaf gedrag, sneller geïrriteerd zijn, meer werken dan gezond is, en soms woede-uitbarstingen die achteraf niemand kan verklaren, de man zelf incluis. Dat noemen onderzoekers overt irritability en in de zwaarste vorm anger attacks, plotselinge woede-aanvallen met hartkloppingen, zweten en een opgejaagd gevoel, gevolgd door schaamte.
Waarom dit bij artsen én mannen zelf onder de radar blijft
Een onderzoek naar woede-aanvallen bij depressie liet zien dat mannen met een depressie beduidend vaker woede-aanvallen rapporteerden dan vrouwen met dezelfde diagnose, en dat die aanvallen bij hen ook heftiger waren. Het probleem is dat woede en prikkelbaarheid nergens in de officiële criteria staan. Een man die op een standaard vragenlijst scoort op somberheid en slaap, maar niet op boosheid omdat daar simpelweg niet naar gevraagd wordt, komt eruit als "niet depressief". Terwijl hij dat wel is. Dat verklaart voor een deel waarom mannen minder vaak in behandeling komen. Ze herkennen hun eigen klachten niet als depressie, hun omgeving evenmin, en soms de huisarts ook niet meteen. Boosheid wordt uitgelegd als karakter, als stress op het werk, als "gewoon een pittige periode". Veel mannen missen bovendien letterlijk het vocabulaire om aan te geven wat er onder die boosheid zit, waardoor het bij een kort gesprek blijft in plaats van een echt signaal.
De signalen die je wél kunt herkennen
Er is geen checklist die honderd procent zekerheid geeft, maar een aantal patronen komen steeds terug in onderzoek naar mannelijke depressie:
- Prikkelbaarheid die niet bij de persoon past. Iemand die normaal relaxed is en nu over kleine dingen ontploft.
- Overwerken of juist wegblijven. Meer uren maken dan nodig, of afspraken en verjaardagen structureel afzeggen.
- Fysieke klachten zonder duidelijke oorzaak. Rugpijn, hoofdpijn, maagklachten die niet overgaan.
- Meer drinken of blowen dan voorheen. Vaak als manier om iets te dempen, niet om te vieren.
- Risicogedrag. Te hard rijden, roekeloze investeringen, dingen doen die niet bij iemand passen.
- Terugtrekken uit vriendschappen. Precies op het moment dat contact het hardst nodig is.
Herken je twee of drie van deze punten bij jezelf, al langer dan een paar weken? Dan is het de moeite waard om er met iemand over te praten, ook als "somber" niet het woord is dat bij je past.
Wat je kunt doen als je dit bij jezelf herkent
Het begint bij het loskoppelen van het woord depressie van het beeld dat je er misschien bij hebt. Je hoeft niet de hele dag in bed te liggen om er last van te hebben. Thuisarts.nl beschrijft depressie nadrukkelijk als iets dat zich op veel verschillende manieren kan uiten, en dat is precies waarom de huisarts een logisch startpunt is: die kan objectiever kijken dan jijzelf op dat moment kunt. Praktisch helpt het om een paar weken bij te houden wanneer je prikkelbaar bent en wat eraan voorafging. Vaak valt een patroon op dat je zelf niet zag: altijd na een slechte nacht, altijd op maandag, altijd na een gesprek met een bepaald persoon. Slaaptekort speelt daar vaker een rol in dan mensen denken, en het aanpakken daarvan is soms al genoeg om de scherpe kantjes eraf te halen. Belangrijker nog: zoek iemand op die niet meteen een oplossing aandraagt, maar gewoon luistert. Dat hoeft geen therapeut te zijn, al helpt dat wel als het langer speelt. Steeds meer mannen geven aan weinig mensen te hebben met wie ze dit soort dingen kunnen delen, en dat gebrek aan contact versterkt precies het patroon van wegtrekken en dichtklappen dat bij mannelijke depressie hoort.
Dit is wat je morgen anders doet
Je hoeft niet te wachten tot het "erg genoeg" is. Als je de afgelopen weken vaker kortaf was dan je zou willen, als je jezelf hoort zeggen "ik heb gewoon een rothumeur" zonder dat er een duidelijke reden voor is, is dat al reden genoeg om het gesprek aan te gaan. Met je partner, een vriend, of de huisarts. Niet omdat er per se iets ernstigs aan de hand is, maar omdat je het jezelf makkelijker maakt om er vroeg bij te zijn in plaats van pas als het niet meer gaat.